Stallichtjes – geesten – duivels

Langs de Wuustwezelse steenweg zagen de mensen altijd een stallichtje.
Ze slaagden er echter nooit in tot bij dat lichtje te komen, want het bleef altijd even ver van hen verwijderd.


Een man uit Esschen die naar Nieuwmoer wandelde, hoorde in de dennenbossen gezang van vrouwen.
Het gezang kwam steeds dichterbij tot de man het vlak boven zijn hoofd hoorde en hij angstig wegliep.


Toen in een huis in Nieuwmoer verschrikkelijk werd gevloekt, zeiden de mensen: “De duivel zal hier nog wel eens binnenkomen”.
Die woorden waren nog niet koud of de duivel stond er aan de deur.