op-Sinjoorke

Mannen zouden de gewoonte hebben gehad om hun vrouw eens duchtig af te ranselen. in 1292 vaardigde Hertog Jan I een verordening uit waarin dit ’tijdverdrijf’ werd verboden.

Mannen die het verbod schonden, werden in het openbaar op een deken gelegd en werden door vier sterke mannen enkele keren in de hoogte geworpen.
Toen dat een keer met een dronkaard gebeurde, belandde de man naast het deken en viel met zijn hoofd op een paal.
De dronkaard was morsdood. Daarna werd besloten om in de toekomst niet langer de schuldige, maar een pop zou worden omhooggegooid.
Dat moest gebeuren voor het huis van de beschuldigde en en de pop moest ook dezelfde kleren dragen als de beschuldigde.

Tijdens de Spaanse bezetting was er een Spaans edelman die deze straf moest ondergaan. De pop die voor die gelegenheid was gemaakt, leek zo sterk op de edelman dat de pop ‘Sinjoorke’ werd genoemd en men bij het omhooggooien riep: “Hop Sinjoorke”.

Vanaf dan werd iedere pop “Op-Sinjoorke” genoemd.